Vijf tips bij rouw en verlies

Vijf tips bij rouw en verlies

Als je iemand (of iets) verliest die je dierbaar is, raak je verzeild in een wirwar van emoties en gevoelens. Iedereen rouwt op zijn of haar manier, maar er zijn wel een aantal dingen waar bijna iedereen iets aan heeft en waar je zelf wat mee kunt doen. Vijf tips bij rouw en verlies.

©Adobe Stock

1. Informeer jezelf

Als je een beetje begrijpt wat rouw inhoudt, wordt je minder overvallen door wat er allemaal gebeurt. Nee, je bent niet raar. Nee, je rouwt niet verkeerd. Nee, er is geen quick-fix voor. Ja, het kan een hele tijd duren. Ja, het is normaal dat je je verloren voelt, dat je niet of juist heel veel huilt, dat je boos wordt om idiote dingen, dat je je schuldig voelt als je ook een beetje opgelucht bent, of dat je helemaal niets voelt. Dat is vooral in het begin niet ongewoon. Je overlevingssysteem verdooft je, om je beschermen tegen de ergste pijn.

Lees ook Waarom rouw bij HSP zo hard binnenkomt

Er zijn veel boeken geschreven over rouw en verlies, zowel (zelf)hulpboeken als ervaringsverhalen van lotgenoten. Alleen al lezen hoe anderen een verlies hebben ervaren, de herkenning van wat zij hebben meegemaakt en hoe ze daarmee om zijn gegaan, kan veel troost en steun bieden.

Ik heb een aantal boeken over rouw en verlies op een rijtje gezet, waar je afhankelijk van het soort verlies iets aan kunt hebben.

2. Praat over je verlies

Praten helpt om je gedachten en gevoelens een beetje te ordenen, en biedt troost. Rouw is de achterkant van liefde, de prijs die we betalen voor hechting. Hoe pijnlijk het ook kan zijn om te praten over dat- of degene je bent verloren, en misschien brengt het je aan het huilen, het gaat over jouw liefde. Verdriet vraagt om troost, en is het signaal los te laten. Niet van wat je bent verloren, ook niet van de liefde die je voelt (want die gaat niet voorbij), maar van de pijn die je daarover voelt.

Het is niet gemakkelijk, maar wel heel belangrijk om onder woorden te brengen wat je voelt, wat het verlies met je doet.

Lees ook Het belang van aandacht schenken aan je verlies

In haar boek Waarom verdriet gelukkig maakt schrijft Helen Russell over een gesprek met haar moeder over haar zusje dat overleed door wiegendood. “Ik vraag me af hoe mijn moeder nu denkt over alles waarover niet gesproken werd. In mijn jeugd was opgewektheid het gebod en was humor het recept voor alle zielenroerselen. Wanneer het niet zo goed ging, zochten we afleiding. Wanneer we verdriet hadden, aten we een koekje én zorgden we ervoor dat we het druk hadden. Als we echt heel verdrietig waren en het gevaar bestond dat het gevoel naar boven sijpelde, deden we net alsof het om iets heel anders ging, zoals een kuiken dat uit het ei kroop in een documentaire op tv.

‘We praatten er gewoon niet over,’ zegt ze (haar moeder, NK). ‘Maar nu ben ik er niet meer zo zeker van dat de pijn daar minder van werd. Nu denk ik dat we het daarmee misschien wel veel erger maakten.’ … ‘Mensen wilden niets over verdrietige dingen horen. Over de dood. Ze wisten niet wat ze ermee aan moesten. Ik was dus eenzaam.’”

Als je niet terecht kunt bij je omgeving – familie, vrienden, collega’s – omdat die in hun eigen rouw zitten, of het simpelweg te moeilijk vinden om met jouw verdriet om te gaan, kijk dan eens of er een lotgenoten- of rouwgroep in de buurt zit. Of ga eens praten bij een rouwcoach of rouwtherapeut, om te kijken wat die voor je kan betekenen. Daar zijn we voor…

3. Sta je emoties toe

Verdriet, boosheid, frustratie, schuld- en schaamtegevoelens, teleurstelling, eenzaamheid, maar ook liefde, opluchting en blijheid: ze horen er allemaal bij en ze komen allemaal voorbij. Ze zijn er en gaan niet weg als je ze ontkent, onderdrukt of rationaliseert. Soms is het lastig om ze toe te laten, die emoties, maar ze onderdrukken en vermijden is zo’n krachtsport dat het je op de langere termijn alleen maar nog meer stress geeft en uitput.

Lees ook De drijvende krachten bij stress, rouw en verlies

Misschien heb je vroeger geleerd dat boos zijn ongepast is, of dat grote jongens/meisjes niet huilen, maar dat was toen en zegt niets over jou en je situatie nu. Goedbedoelde en uit liefde en zorg gedane uitspraken als ‘hou je haaks’ en ‘treur niet om mij’ (waarmee iemand eigenlijk zegt ‘ik ben niet belangrijk voor jou’), mag je echt naast je neerleggen, zonder je daar schuldig over te voelen. Ook als je volstrekt vrede hebt met iemands overlijden – of juist helemaal niet – wil dat nog niet zeggen dat je er geen verdriet over kunt en mag hebben. Dat zijn twee totaal verschillende dingen.

Lees ook Verdriet kent veel gezichten

Emoties hebben een functie en zijn het signaal dat je iets nodig hebt. Troost, ruimte, grenzen, erkenning. Je hoeft ze niet altijd te uiten, en ook niet meteen, maar ze toelaten, voelen en erkennen kan wel heel belangrijk zijn. Natuurlijk is een huilbui bij de kassa van de Jumbo niet handig, maar laat die tranen er dan wel op een ander moment uit, als het wel kan. Of laat ze gewoon komen en leg uit wat er aan de hand is: ‘Ik ben verdrietig, ik heb iets/iemand verloren’. Wat anderen daarvan vinden, is hun probleem en niet het jouwe.

In het geval van boosheid is het ook niet handig om uit je plaat te gaan, maar ook dan kan het al heel veel helpen om even bij jezelf stil te staan, te checken wat je nu eigenlijk voelt (boosheid, maar vooral ook de nuance daarvan) en dat voor jezelf uit te spreken: ‘Ik voel me boos’. Tja, waarom of waarop eigenlijk?

Lees ook Als emoties je overspoelen: go with the flow

Even diep ademhalen (vooral ook goed uitademen), je emoties en gevoelens voelen, herkennen, erkennen en benoemen, maakt een wereld van verschil. Een goede tool hierbij is de Mood Meter van de Amerikaanse professor doctor Marc Brackett. De Mood Meter (helaas alleen nog in het Engels) kun je als app op je telefoon installeren. De oefening die erbij hoort om je emoties te leren herkennen en benoemen kun je vinden op de site van Psychologie Magazine.

4. Zorg goed voor jezelf

Zelfzorg is altijd belangrijk, maar nu helemaal. Probeer enige regelmaat aan te houden en voldoende te slapen, neem rust voor jezelf om gevoelens en emoties er te laten zijn (zie ook tip 3), eet gezond en bouw dagelijks beweging in. Niet te veel en te actief, want rouwen is hard werken en je systeem wordt daardoor al behoorlijk belast. Wandelen of fietsen is altijd goed, liefst in een groene omgeving.

Lees ook Zet jezelf af en toe even ‘uit’

Zoek mensen op bij wie je je veilig voelt, waar je je verhaal kwijt kunt (zie ook tip 2), maar bij wie je ook wat afleiding vindt. De balans tussen verlies en herstel, rouwen en afleiding is belangrijk. Dat betekent ook dat je best mag genieten van leuke dingen, dat je het naar je zin mag hebben op een feestje, dat je mag lachen bij een borrel. Het is normaal, en gezond. Gun het jezelf.

Je werk of andere dagelijkse bezigheden weer oppakken kan helpen zijn bij het aanbrengen van structuur en om weer onder de mensen te zijn, maar neem jezelf ook in acht. Als het niet gaat, gaat het niet. Wees daar duidelijk over en respecteer je eigen grenzen. Misschien is het mogelijk om een paar uurtjes te werken, op momenten dat het voor jou uitkomt.

Lees ook Van het ene eilandje naar het andere

Pak voorzichtig aan dingen op waarvan je weet dat je er energie van krijgt, die je vroeger al leuk vond en waar je je prettig bij voelt. Bijtanken dus. Maak daar eens een lijstje van en plan er bewust tijd voor in. Dus: ga wandelen, ga fietsen, ga sporten, ga schilderen/tuinieren/handwerken/klussen, lees een boek (of een audioboek als je je niet kunt concentreren), ga naar de sauna, ga shoppen met een vriendin, uitwaaien op het strand, iets ondernemen met vrienden. Zorg er wel voor dat het niet te veel prikkels zijn, maar dat het dingen zijn die juist ontprikkelen en rust en energie geven. Overweeg eens een goede massage, om ook de spanning een beetje uit je lijf te krijgen.

5. Vraag om hulp

Om hulp vragen, is ook een vorm van zelfzorg, maar verdient een eigen plek omdat het zo belangrijk is. Zeker kort na een verlies komt er belachelijk veel op je af. Je moet veel regelen, veel oppakken. Vraag hulp! Mensen hebben het recht om nee te zeggen, en misschien doen ze dat ook wel eens, maar over het algemeen zijn ze best bereid om te helpen; dat geeft hen ook een goed gevoel.

Als je niet om hulp kunt of wilt vragen aan mensen uit je omgeving, dan van professionals. Moet je een huis leegruimen of heel veel spullen uitzoeken en opruimen? Haal er een personal organizer bij. Moet je een administratie uitpluizen en belastingaangifte doen terwijl je daar geen kaas van hebt gegeten? Haal er een boekhouder bij of vraag hulp van de notaris.

Heb je je huis of je tuin laten verslonzen omdat je er domweg niet aan toe kwam en weet je niet waar je moet beginnen? Haal er een schoonmaakbedrijf of een tuinman bij. Ben je er niet aan toe om zelf boodschappen te gaan doen – zoveel prikkels om je heen – laat ze dan thuis bezorgen. Of ga buiten de deur eten (ja, ook in je eentje) of bestel een maaltijd bij een bezorgdienst.

En dat geldt uiteraard ook voor het rouwen zelf. Je kunt aan vrienden en familie vragen wat voor hen werkt, maar hou er rekening mee dat dat niet per se ook voor jou werkt. Rouwen doet iedereen op zijn eigen manier en in zijn eigen tempo. Als je niet weet wat voor jou de beste manier is of wat voor jou werkt, dan kun je daar gerust de hulp van een rouwcoach of rouwtherapeut bij inschakelen. Doe dat ook zeker als na een poosje je omgeving al verder gaat, maar jij zover nog niet bent. Want je hoeft het niet alleen te doen. Een kennismakingsgesprek is bij mij altijd gratis en vrijblijvend.

 

Kijk hier als je meer wilt weten over mij of hoe anderen de coaching hebben ervaren. Wil je informatie over de mogelijkheden, tarieven of een afspraak maken, neem dan contact op. Je krijgt altijd binnen 24 uur een reactie.